Tag: leven

Mij wordt de afgelopen tijd vaak gevraagd of de erkenning van karate als een officiële olympische sport goed of niet goed voor karate is? Vaak zie je dat de “traditionele krijgskunst beoefenaar” zich keert tegen de moderne sportieve vormen zoals karate en judo. Zij vinden dat vooral de oude waarden en doelstellingen van deze kunsten te grabbel worden gegooid, en dat het zelfverdedigingsaspect daardoor verloren zou gaan. Zeker de wat oudere beoefenaren zetten zich af tegen de wedstrijdsport.

Ik zie mijzelf wel als een traditionele beoefenaar van vechtkunsten. Het karate heeft inderdaad mijn hart gestolen, terwijl ik daarnaast ook met veel passie het iaido (Japanse zwaardkunst) beoefen. Als ik nu aan het stereotype beeld moet voldoen zou ik “anti sport” zijn. Echter dat is niet het geval, verre van zelfs. In mijn vroege karatejaren heb ik aan wedstrijden meegedaan, en met veel plezier. Iedereen heeft wel een mate van competitief gedrag, kijk maar om je heen er zijn tal van voorbeelden. In het onderwijs bijvoorbeeld de wedstrijdjes tijdens de gymnastieklessen. De meeste sporten zijn gericht competitie, het gaat om het winnen, wie is de beste. Het spelen van spelletjes is al een manier van competitief met elkaar bezig zijn. Een gezonde vorm van bewijsdrang is goed voor één ieder.

Ook heb ik te maken met de vraag welke vechtsport het beste te gebruiken is voor zelfverdediging. De volgende meningen zie je dan langs komen. Karate is te springerig en heeft te veel de nadruk liggen op de controle van technieken. Teveel stoten in de lucht, dus zonder echte fysieke weerstand. Bij de N.M.A. (Mixed Martial Arts) zou er teveel grondgevecht zijn, wat dodelijk zou zijn in reële situaties. Bij judo ben je teveel afhankelijk van het pakken van kleding, en is er een gebrek aan trap-, stoot- en slagtechnieken. Ook het hoofd naar voren en de handen laag zou tot gevaarlijke situaties kunnen leiden in het echte gevecht. Bij het boksen is er een gebrek aan worsteling en trappen en men is teveel afhankelijk van de dekking van de bokshandschoen. Bij het thaiboksen is er geen grond gevecht en men weet niet om te gaan met vallen naar de grond. In feite is dit allemaal waar, maar zou dan daarmee de kunst waardeloos zijn? Of erger nog deze vormen van sport zijn een slechte vorm van de voorbereiding voor zelfverdediging.

Sport doe je voor je plezier en als je topsporter bent doe je het om te winnen op het hoogste niveau. In mijn vriendenkring ken ik er eentje die er plezier in heeft en ook nog een grote drive heeft om te winnen, en niet onverdienstelijk ook. Als ik hem zie trainen dan ervaar ik een geweldige drive. Als nu de meeste “traditionele beoefenaren” dit ook zouden doen, dan zouden we vele goede karateka hebben. Eén van de idealen bij karate is eerlijkheid en nederigheid. Daar gaan de traditionalisten prat op, want dat is een ideaal dat je verkrijgt door regelmatige beoefening van deze kunst. Het beheersen van je ego, en dat zou dus niet bij sportkarate zijn. Als je een wedstrijd verliest moet je dat accepteren, je tegenstander was op dat moment beter, en het zou een uitdaging moeten zijn om het een volgende keer beter te doen. Succes vraagt om discipline, regelmatige training en een gezonde levensstijl. En deze kernwaarden gelden dus voor zowel de sportkant als de traditionele kant van het karate. Ik ben ook van mening dat karate, ongeacht op welke manier dat beoefend wordt, een goede bijdrage levert aan een positieve levensstijl. Dus sport is ook een goede manier voor zelfverdediging. Ik las laatst op internet dat een fanatieke bokser verklaarde dat zijn boksen de ultieme zelfbescherming was, niet vanwege de techniek of de sport op zichzelf, maar omdat hij veel tijd heeft doorgebracht in de sportschool en dat hij daardoor (op straat) geen doelwit was voor misdadigers. Daar zit waarheid in.

Ik ben blij dat het karate Olympisch is geworden. In 2020 zal karate tijdens de Olympische spelen in Tokyo worden vertoond. Het huidige karate, wat een groot deel van haar origine vindt in Japan, komt dus na ruim 100 jaar weer terug in dat land. Ik zie uit naar deze wedstrijden, en blijf daarnaast met veel plezier werken aan het trainen en verspreiden van het karate.

 “To me, the extraordinary aspect of martial arts lies in its simplicity. The easy way is also the right way, and martial arts is nothing at all special; the closer to the true way of martial arts, the less wastage of expression there is.”  (Bruce Lee)

(foto’s genomen tijdens karatetraining)

gezond iaido karate leven

Reacties gesloten

Licht is een belangrijke voorwaarde om foto’s te kunnen maken. Hoe zonniger het is hoe beter het fotograferen gaat. In deze tijd, en dan bedoel ik het voorjaar en de paastijd, wordt het weer lichter. De lange donkere dagen van de winter verdwijnen. En dan heb je ook dat gedoe met de wintertijd en zomertijd. Ik ken mensen die helemaal van slag zijn omdat ze uit hun ritme raken door de klok één uur te verzetten. De gedachte achter zomertijd is dat men zo zou kunnen bezuinigen op verlichting. Het energiebesparende effect van zomertijd is denk wel achterhaald. Zeker nu we een 24/7 economie hebben wordt er continue energie gebruikt.

In de fotografie heb je eigenlijk te doen met twee typen licht: hard licht en zacht licht. Als het 12 uur is en de zon staat in z’n hoogste positie dan heb je te maken met hard licht. Ook de flitser op je camera maakt hard licht. We krijgen hierdoor harde donkere schaduwen en er kunnen overbelichte lichte plekken op de foto komen. Details gaan verloren in de donkere en de lichte delen op je foto. Op zonnige dagen ga ik dan ook niet op het midden van de dag fotograferen, je kunt dan beter vroeg in de ochtend of aan het eind van de middag foto’s maken. Tijdens het gouden uur (avond- of ochtendschemering) heb je heel mooi licht. Ook is er het blauwe uur, dat is een onderdeel van de schemering en duurt meestal slechts een tiental minuten. De omgeving krijgt dan een blauwe gloed. Mist of bewolking geven diffuus licht, er zijn dan geen harde schaduwen. Diffuus licht verzacht meestal je foto. Ook bij portretfotografie kan diffuus licht je foto ten goede komen. Onregelmatigheden op de huid worden minder weergegeven op je foto bij gebruik van diffuus licht.

Licht is een belangrijk item in het leven. Volgens de Bijbel was het eerste dat God schiep het licht. Door het licht kunnen we zien. Licht is sfeerbepalend, zo maken donkere gebouwen somber, terwijl open plekken juist energie geven. Ik kan mij herinneren dat wij op een opendag waren van een middelbare school om te kijken of het iets was voor onze zoon. Het was een donker en dus voor ons somber gebouw. De uitkomst laat zich wel raden.

De dood is niet het doven van het licht, maar het uitblazen van de lamp omdat de dag is aangebroken.
(Quote: Rabindranath Tagore)

Licht kan verrassen, kijk maar eens naar de schilderijen van Rembrandt. Hij is nu nog steeds een voorbeeld voor veel studiofotografen. In zijn prachtige schilderijen zie je een opmerkelijke beheersing van het spel met licht en donker. Fotografie is voor mij de verwondering van het leven, de kleuren mooi belicht en de sfeer van het moment in rechthoek gefixeerd.

(foto is gemaakt in Apeldoorn, karatedo Smaal)

Licht

Reacties gesloten

Eer

Afgelopen week waren mijn vrouw, dochter en ik bij een opendag van een tweetal scholen in Utrecht. Toen ik door de klaslokalen en gangen liep kwamen er bij mij schoolherinneringen naar boven. In mijn tijd, en dan spreek ik over de zestiger en zeventiger jaren, had je klaslokalen met bankjes strak in een rij. Je leerde schrijven met een kroontjespen en de leraar of lerares sprak je aan met “u” ,meester of juffrouw. Ik zat in een volkswijk op school en er was onder de leerlingen een soort strijd in de sfeer van het recht van de sterkste. Daarbij speelde het eergevoel een belangrijke rol. Vechtpartijtjes op straat en het schoolplein waren er regelmatig en werden vaak beëindigd door tussenkomst van de leerkrachten.
Eer heeft heel veel te maken met het persoonlijke of maatschappelijke aanzien dat je hebt. Eer is gekoppeld aan het gevoel van eigenwaarde, en de erkenning daarvan door anderen. Het heeft onder andere betrekking op je sociale status, je goede naam, en je reputatie. Ook zijn er uiterlijke verschijning, voornamelijk in de sport, waarbij de eer gebonden is aan een fysieke prestatie. Men heeft het niet voor niets over het eremetaal. Eer is dus afhankelijk van anderen of zelfs van een collectief. Eer was vooral vroeger gebonden aan mannelijkheid en fysieke dapperheid. Het verdedigen van de belangen van de man en het bestaansrecht van zijn gezin en land. Het doden van de bedreiger was daarbij eervol. Vrouwen hadden ook een eergevoel maar het beschamen of aantasten daarvan werd uitgevochten door de mannen. Het duelleren was aan de orde van de dag. In de middeleeuwen bestond er zelfs een riddercode die zijn wortels had in de erecode. Onlangs heb ik een boek gelezen met de titel: Het vooroudergevoel. Een prachtig boek wat gaat de over onze vaderlandse geschiedenis aan de hand van de schoolprenten van J.H. Isings. Eigenlijk gaat het allemaal over strijd en eer.

In Utrecht staat op het Domplein het standbeeld van graaf Jan van Nassau een van de initiators van de Unie van Utrecht. Het beeld is gemaakt door Jean Theodore Stracké. Op 23 januari 1579 werd de Unie van Utrecht ondertekend, een verdrag waarin door een aantal Nederlandse gewesten afgesproken werd een einde te maken aan de Spaanse bezetting. Ook werden in dit verdrag staatkundige zaken geregeld, dit verdrag wordt ook wel beschouwd als de eerste grondwet. Eigenlijk was dit het begin van de Nederlandse staat.
In Japan heerst zelfs een eercultuur. Wij hebben hier een christelijke cultuur. Het zondigen, of het iets doen wat niet mag, is de basis van bijna alle maatschappelijke regels en wetten. Je verliest je eer als je je niet houdt aan de geldende regels. Iemand die gezondigd heeft is dus strafbaar. Hij kan gestraft worden en daarmee wordt hij weer ‘gereinigd’. Het eergevoel in Japan is gekoppeld aan het schaamtegevoel. Het uitlachen van een Japanner wordt opgevat als een belediging. Je kan zelfs een Japanner beledigen wanneer je niet de juiste aanspreekvorm gebruikt. Je ziet dit nog wel een beetje terug in vechtkunsten zoals het karate en iaido. (kunst van het trekken van het zwaard).
Ik ben ook wel eens aangesproken door iemand die zich in zijn eer aangetast voelde omdat ik van hem een foto had gemaakt. Vlak bij het standbeeld van Jan van Nassau ligt een koperen bol, de “Sol” gemaakt door Inez de Heer Kloots en Theo van der Hoeven. Dit stelt één miljardste deel van de zon voor. Eigenlijk is het wel gek dat we zo ontzettend klein zijn in het universum met zo’n heel groot eergevoel. Lau Tse zag dit ook in en zei: De wijze handelt, maar heeft geen bezit. Hij voltooit zijn werk, maar heeft geen trots. Hij verlangt niet naar eer en roem.

(Foto gemaakt in Utrecht, standbeeld van graaf Jan van Nassau.)

Eer

Reacties gesloten

We dromen allemaal en dat hoort bij het leven. We dromen omdat we iets willen zijn of worden. Is dromen een soort dimensie die los staat van de tijd? Als ik bijvoorbeeld kijk naar de secondewijzer van mijn horloge dan beweegt deze heel gestaag over de nachtblauwe wijzerplaat. Als ik de tijd dan zie voortbewegen, dan dwalen mijn gedachten ongemerkt af, en ik kom in een soort dagdroom terecht. Een droom is een vlaag van gedachten die bijna tijdloos is. Als ik mij een droom herinner bij het wakker worden uit de slaap, dan heeft die droom zich in het verleden afgespeeld, immers ik word wakker, de slaap is voorbij. Maar je kunt ook je dromen hebben. Deze gaan over zaken die we beter of anders willen. Dus iets wat zich moet gaan afspelen in de toekomst.

Een droom van mij is bijvoorbeeld dat ik naar Japan wil. Ik heb daar een beeld bij van mooie tempels, drukke steden, vulkanen en het ontmoeten van mensen. Dit land spreekt tot mijn verbeelding, immers daar liggen de “roots” van het karate dat ik zo graag beoefen, en dat een groot gedeelte van mijn leven heeft beïnvloed. Deze kunst is niet alleen een weg die je inslaat maar ook een zoektocht naar waarom karate zo belangrijk is voor mij. Een daar hoort uiteraard een reis naar Japan bij. Dus tot zover, dromen spelen zich af in het verleden en de toekomst. Ik heb een droom van een vrouw, en dat is eigenlijk het nu, het heden. Ik beleef dat op dit moment. Kort geleden had ik een diepzinnig gesprek met iemand over openheid en warmte, waarin ook je dromen en idealen ter sprake kwamen. Hij gaf mij een mooie gedachte mee. In de “tegenwoordige tijd” is in de Engelse taal “present time”. Het leven is een present, zeker als iets een droom is. Ik vraag mij ook heel vaak af is het leven niet een grote droom waarvan we een keer ontwaken.
Vele jaren terug las ik een boekje getiteld, Rijdend op een Wolk van Tswang Tse, een leerling van Lao Tse. Een mooie passage uit dit boekje:

Eens droomde ik, Tswang Tse, dat ik een vlinder was die vrolijk rondvloog en ik was blij met het leven zonder te weten wie ik was. Plotseling werd ik wakker en ik was weer Tswang Tse.

Droomde Tswang Tse dat hij een vlinder was of droomde de vlinder dat hij Tswang Tse was? Er is wel een verschil tussen Tswang Tse en de vlinder. Het verschil zie ik wil, maar ik begrijp ook wel de mooie passage uit dat boekje. Wat zal dan de werkelijkheid zijn, een droom, een andere dimensie? Marco Borsato verwoordde dit ook in een lied met: ‘Jij moet me één ding beloven, laat me nog lang in mijn dromen geloven. Zelfs als je even niet hier bent, blijf in mijn slaap dan bij me.’ Dromen geven reden om iets moois te creëren. De meeste creaties beginnen ook met een droom.

In de zomer van 2014 liep ik vroeg in de ochtend over het strand van Sopot, een kleine Poolse vissersplaats, aan de Oostzee. Het was een verlaten strand, je hoorde alleen de zee en de vogels. Mijn tijdsbesef was even weg, ik genoot van de rust. Dacht terug aan de strandvakanties in mijn jeugd, een gevoel van nostalgie. Ik zag een roeiboot die half op het strand lag. Ik was heel even één met deze rust. Was dit bootje het einde van de droom, was de horizon de toekomst? In ieder geval ik was er.

(Foto is genomen op strand Sopot aan de Oostzee in Polen.)

droom

Reacties gesloten

Foto’s maken van water is iets wat ik graag doe. Dat kan niet anders want Nederland is een waterland. Niet alleen de strijd tegen het water maar ook het gebruik van het water is in hoge mate bepalend voor de Nederlandse cultuur waarvan ik deel uitmaak. De zee heeft met name in het verleden ons behoorlijk wat kapitaal opgeleverd. Water is een belangrijke bron van leven. Water inspireert, geeft ons noodzakelijke energie en levenskracht. De veelzijdigheid van water heeft iets opwindends. Kijk maar eens naar Amsterdam, een stad met veel water, veel grachten en een haven. Er is altijd wel wat te doen, het kan ook eigenlijk niet anders, want er is een grote hoeveelheid aan water in Nederland. Door de overvloed aan water is het logisch dat het gebruikt wordt. Bijvoorbeeld als transportmiddel. Ook kan water bedreigend zijn, een gevolg daarvan is dat het water wordt beheerst. De Deltawerken zijn daar een wereldberoemd voorbeeld van. Het water is een bron van voedsel, elke kustplaats heeft wel een eigen vissersvloot. We hebben het water gebruikt als verdedigingsmiddel, denk maar aan de Waterlinie.

Tevens heeft water mooie symbolieken die zich vooral in onze taal manifesteren. Er zijn veel gezegden en spreekwoorden met het woord water. Een mooi voorbeeld hiervan is: “Vuil water blust ook vuur”, wat zoiets betekent als, in moeilijke tijden kan je geen hoge eisen stellen.

In de wereld van de vechtkunsten en de oosterse filosofie heeft water een ruime betekenis. In de Japanse vechtkunst zoals het iaido wordt de term nagashi-uke gebruikt. Men doet een verdediging die lijkt op het wegvloeien van het water op een hellend vlak. Water kan ook een status aangeven waarin men verkeerd. Zoals het “Mizo no Kokore” (Japans: Een geest als water). Het water is kalm en heeft geen rimpels. Er is geen verstoring, het oppervlak van een meer is volkomen stil. De geest is volkomen stil en kalm, zelfs verzadigd. Dit is de geest van inzicht en fungeert als een waarnemer. De bewustwording reikt verder dan de werkelijkheid. Het is neutraal en niet beïnvloedbaar.

Bruce Lee had daar een mooie uitspraak over:

Empty your mind, be formless. Shapeless, like water. If you put water into a cup, it becomes the cup. You put water into a bottle and it becomes the bottle. You put it in a teapot it becomes the teapot. Now, water can flow or it can crash. Be water my friend.


Leeg uw geest en zij vormloos. Vormeloos, zoals water. Als je water in een kopje giet, dan wordt het een kopje. Doe je water in een fles en het wordt een fles. Water in een theepot, het wordt de theepot. Nu, water kan stromen of verpletteren. Wees water mijn vriend.

Water kan mooi weerspiegelen. Door te fotograferen let je op spiegelingen van het licht.
Water is zo mooi…….

(Foto’s zijn gemaakt in Hoorn, Utrecht en Bern.)

water

Reacties gesloten

Regelmatig zie en hoor ik in Utrecht straatmuzikanten. Ze zijn voor mij altijd een gewild onderwerp om te fotograferen. De eerste straatmuzikant die ik op de plaat zette was een man die prachtige Ierse muziek zong. Hij begeleidde zijn zang met de gitaar. Soms vraag ik mij weleens af wat zo iemand nu bezield om op straat muziek te maken. Sommigen verdienen er veel geld mee, anderen zien het als een bijverdienste. Zo ken ik iemand die daarmee een gedeelte van zijn studie bekostigde. Ze kunnen mij ook weleens irriteren, muzikanten die alleen maar hetzelfde spelen. Zo heb je in Zeist een man die op de accordeon bekende melodieën probeert te spelen. Het is niet mooi wat hij speelt, het ritme klopt niet en hij blijft dit maar eindeloos herhalen. Kan mij heel goed voorstellen dat dit gebrek aan variatie ook irritatie opwekt bij de winkeliers. Maar er is ook mooie muziek te horen. In Bern (Zwitserland) heb ik genoten van vioolmuziek op straat. Daar bleef ik voor stilstaan en ik gooide graag wat geld in de vioolkoffer.

Wat je terug ziet komen in het straatbeeld zijn de draaiorgels. In mijn jeugd had je veel van deze straatinstrumenten en werden ze nog met de hand gedraaid. Tegenwoordig gaat dat met een motortje. Straatorgelmuziek is een plezierige herrie die thuishoort bij het Hollandse straatbeeld samen met de daarbij behorende orgelmannen die met hun ritmische koperengeldbakjes komen bedelen om geld. Ik vind het nog steeds interessant om te kijken hoe zo’n orgel werkt, zoals het draaiorgelboek. Een zigzag gevouwen boek van stevig karton waarin gaten zijn gemaakt. Het draaiorgelboek bedient via de luchtstroom door de gaten de luchttoevoer naar de pijpen van het draaiorgel. Eigenlijk een stukje automatisering uit een ver verleden.

Muziek in de openbare ruimte is in Utrecht bijna niet weg te denken. Een zeer populaire plek is de poort onder de Domtoren, een mooie trechter ten opzichte van het Domplein die verdragende akoestiek teweeg brengt. Ik heb daar een keer staan luisteren naar een groep muzikanten uit Bulgarije. Het waren Roma’s die met veel elan werken van Bach en Vivaldi ten gehore brachten. Een violist, en cellist, hoornblazer en een accordeonist maakten prachtige muziek waar veel belangstelling voor was.
Tijdens een huwelijk van een goede vriend en vriendin speelde iemand doedelzak. Dat gaf een geweldig geluid dat door merg en been ging. Ik kan mij dan ook heel goed voorstellen wat dit instrument teweeg kon brengen op het slagveld bij de vijand.

Muziek kan vermaak zijn in allerlei vormen en stijlen. Ik denk aan klassiek, country, jazz, rap, hiphop, dance, latin en nog veel meer. Muziek kan lekker in het oor liggen en je opzwepen. In de jaren tachtig bezocht ik regelmatig op de zaterdagmiddag de gratis orgelconcerten in de Buurkerk aan de Steenweg in Utrecht. (Grappig, daar is nu het Museum van Speeldoos tot Pierement gevestigd.) Bij deze concerten heb ik de orgelconcerten van Händel leren kennen en waarderen. Deze muziek ontroerde mij en vaak kreeg ik kippenvel.

Muziek is in het leven niet weg te denken en muziek hoort zeker thuis op straat.

(Foto’s zijn genomen in Bern, Utrecht en Amsterdam.)

muziek straat

Reacties gesloten

Een keer heb ik drie uur lang op het Domplein in Utrecht doorgebracht om daar mensen te fotograferen. Dat vind ik het leukste van fotografie. Straatfotografie moet een indruk van de sfeer weergeven die er op het moment van de opname is. Meestal gaan mensen zich anders gedragen wanneer ze merken dat ik hen fotografeer. Er zijn er zelfs die daar bezwaar tegen maken. Om dit “aangepaste gedrag” te voorkomen ga ik op een grote afstand fotograferen met een telelens. Voor de liefhebbers; ik maak gebruik van een zoomlens (70-250mm). Men heeft in dat geval niet door dat ze gefotografeerd worden en gaan ongestoord verder met waar ze bezig mee waren. Overigens houd ik altijd wel het portretrecht van de gefotografeerde personen in mijn achterhoofd! In veel gevallen laat ik de foto zien en vertel ze dat ik ze zo nu en dan publiceer op internet. De meesten hebben geen bezwaar en vinden het zelfs leuk. Ik geef ook aan dat ik de foto’s niet commercieel gebruik.

  • Kloostergang Domkerk - Utrecht

Het Domplein is een plek met veel historie. Daar hebben zich veel plezierige en veel verdrietige zaken afgespeeld. Allemaal mensen die een doel hadden, en allemaal een wil om iets te doen. Toch vraag ik mij ook weleens af heeft de mens wel een vrije wil? Zijn al onze beslissingen niet een gevolg van een aaneenschakeling van allerlei oorzaken. Dit plein, dat ontstaan is na het instorten van een groot gedeelte van de Dom-kathedraal (door een tornado), is een religieus gebied. Dit plein heeft iets mystieks. Als kind voelde ik dat al en de immense grote toren werkte daar natuurlijk aan mee. De mens van die tijd heeft een gigantische kathedraal gebouwd ter ere van God. Dezelfde God die over hun wil beschikte. De mens neemt waar, zoals ik bijvoorbeeld vastleg met mijn foto’s, dus de werkelijkheid zoals die op dat moment is. Maar er zijn ook zaken die we niet kunnen waarnemen, waar men dus over nadenkt, zoals over God en de ziel en al wat nog meer. Dit plein zette mij aan tot nadenken over de vrije wil.

Mensen lopen, verblijven, praten, verbazen, etc., over wat hier allemaal is waar te nemen. De werkelijkheid zoals de harde keien, de Domtoren, fietsen, auto’s noem maar op zijn waar te nemen. Je zintuigen, vooral de ogen en oren, nemen de wereld waar. Maar er is meer denk ik, er zijn zaken en gebeurtenissen die alleen in je geest bestaan, en die benoemd kunnen worden zonder je zintuigen. Door de eeuwen heen doen mensen dat. De Domkerk is daar een product van. Het geloof in de andere wereld.
Tegenwoordig is de mens beter geïnformeerd dan de mens in de middeleeuwen. De hele dag komt er een stroom van informatie naar ons toe zoals via Facebook, Twitter, e-mail en ander social media. Ik doe daar hard aan mee, zeker met dit blog.

Is er nog wel plek over om je af te vragen of er buiten onze waarneembare werkelijkheid andere zaken zijn?

In de Middeleeuwen bijvoorbeeld was de kerk verantwoordelijk voor de informatiestroom. Het besef van goed en kwaad werd door hen voorgeschreven. De vrije wil bestond toen uit het volgen van je lot dat door de kerk en overheid werd bepaald.

Uit ervaring weet ik als je vrij wilt worden, in de breedste zin van het woord, dat een hele lange weg is die je moet gaan. De ultieme vrijheid is een niet te bereiken ideaal. We zijn verbonden met de wereld om ons heen. De vrijheid zit hem in de zoektocht naar je zelf. Ik heb geaccepteerd hoe ik ben en hoe ik met mijn omgeving in harmonie kan omgaan. Fotografie is voor mij filosofie, het proberen te verklaren in alle vrijheid waarom de dingen zo zijn en wellicht niet zo zijn.

(De foto’s zijn gemaakt in Utrecht op het Domplein en de kloostertuin van de Dom.)

wil

Deuren zie je overal. Vorig jaar heb ik in Utrecht een aantal daarvan gefotografeerd. Er zitten hele mooie exemplaren bij. Ik vraag mij dan vaak af, wat zou er achter die voordeur zitten? Welk lief en leed speelt zich achter die deur af? Een deur is vaak op slot, zeker wanneer het om woningen gaat. De deur is een waarborg voor privacy en ontoegankelijkheid.

Toch zijn er ook gebouwen waar de deur openstaat zoals bijvoorbeeld kerken. Zo’n deur geeft vaak toegang tot een oase van rust en de mogelijkheid om je te bezinnen. Gisteren was ik in Utrecht en heb daar de deur van de Domkerk gefotografeerd. De Domkerk is een bijzonder monument midden in Utrecht. Tot aan 1559 was de Dom de enige kathedraal van de Noordelijke Nederlanden. Christenen beschouwen een kerkgebouw als huis van God. Heel gek is dan wel dat met veel geweld door onderlinge strijd in dit huis zoveel vernield is. Zoals bekend is de Domkerk niet compleet meer aangezien door een tornado in 1674 een groot gedeelte van de kerk instortte. Ondanks het ontbrekende middenschip en de ernstige vernielingen tijdens de overgang van Rooms Katholieke Kerk naar Protestante (1578-1580) is de Dom een van de meest bekende gotische kerken in Nederland. De deuren van de Domkerk staan overdag altijd open, een mooi symbool van welkom zijn. Je kan naar binnen uit nieuwsgierigheid, om toeristische redenen of om te bidden, of alleen maar stil te zijn en te genieten van het imposante geheel.

De deuren van de Domkerk vind ik bijzonder mooi. De deuren zijn van brons en vertonen reliëfs van kleine voorstellingen van mensen en dieren. Er zijn ook veel teksten in allerlei talen en lettertypen te zien. In de Middeleeuwen werden op de kerkdeuren door overheden en stadsbesturen mededelingen en aankondigen vastgespijkerd. Deze traditie werd weer door de Utrechtse beeldhouwer Theo van de Vathorst opgepakt. Hij maakte deze bronzen deuren en verrijkte ze met een tekst uit de Bijbel (Mattheüs 25 vs. 31-46), het laatste oordeel. Deze tekst is te lezen in het Nederlands, Engels, Fries, Grieks, Japans, Latijns en Syrisch. Boven de deuren is een enorme cirkel geplaatst met Sint Maarten, de patroonheilige van deze kerk, maar ook die van Utrecht. Hij geeft met een groots gebaar een naakte bedelaar de helft van zijn mantel.

De deur staat altijd voor je open. Dat deed de deur dicht. Ik kan gelukkig nog met hem door één deur. Een stok achter de deur. Een open deur intrappen. De deur geeft voor de mens en samenleving toegang tot iets, maar kan ook een symbool zijn van op- en/of afgesloten worden. Een hele mooie van Erasmus;

De wil kijkt vele malen door het venster eer de daad de deur uitgaat. De deur geeft stof tot nadenken en toegang tot het vergaren van kennis.

Afgelopen jaar was er in Utrecht de “open tuinendag”. Deuren werden geopend om toegang te verlenen tot particuliere tuinen. Met veel plezier ben ik binnengegaan en heb kennis genomen van het onbekende. Prachtige tuinen, maar ook huizen, maakten mij blij. Zie de deur en twijfel, ga je naar binnen of niet? De deur naar je ziel, naar je binnenste-ik wordt geopend door twijfel en nadenken over allerlei vragen.

Fotografie is niet het alleen maar plaatjes schieten, het maakt ook deuren open.

(Foto’s zijn gemaakt in de binnenstad van Utrecht.)

deuren

Trouw zijn aan je idolen, muziek, idealen, je partner, je werk, je geloof etc. Maar ook trouw zijn aan jezelf, is zo’n modespreuk van deze tijd. Uitspraken zoals: je doet het goed, je volgt je passies, je durft in vrijheid te leven.
Maar wat betekent dat nu eigenlijk?

Mijn vader kreeg als militair een onderscheiding voor zijn dienstplicht in het toenmalig Nederlands Indië, het ereteken voor Orde en Vrede. Mijn vader zei vaak, orde was er niet en zeker geen vrede. Het heeft allemaal niet zo’n heel plezant verleden. Het conflict dat zich afspeelde in de jaren 1946-1949 was eigenlijk een meedogenloze guerrillaoorlog. Als jonge vent werd mijn vader samen met tienduizenden andere dienstplichtigen, na vijf jaar tweede Wereldoorlog, nog eens vijf jaar uitgezonden om in Nederlands Indië het gezag te herstellen. Zijn leven was er door getekend. Trouw was hij zeker, maar niet in de vrijheid zoals elk jong mens dat zou willen. Eigen keuzes maken en een fundament maken om fideel te zijn.

Gelukkig heb ik dat allemaal niet hoeven meemaken. Ik mocht de nodige stappen ondernemen om mijn doelen te bereiken en ervoer het proces er naartoe als vreugdevol. Zelfs de tegenslagen waren te overbruggen, want er was geen dwang. Toch denk ik dat trouw ook een gevoel van verplichting is en loyaliteit geeft daar uitdrukking aan. Ik ben loyaal aan mij karateleraar. Soms ben ik het er niet mee eens wat hij zegt en doet, ondanks dat blijf ik hem volgen. Trouw zijn is vaak een wederzijds.

In de Karolingische tijd (rondom 800 na Chr.) zwoer men trouw aan de koning en de adel in ruil voor bescherming. Naar het Latijnse fides (trouw, vertrouwen) noemde men deze verhouding fidelitas. De spreuk “Semper Fidelis”, “Altijd Trouw” is het motto van het korps mariniers van de Verenigde Staten. Het motto staat symbool voor dat van elke individuele marinier verwacht wordt loyaal te zijn jegens het korps, land en hun kameraden, zelfs voor hun hele leven. De spreuk wordt dikwijls uitgesproken met Semper Fi.

  • trouw en vrijheid

Plato vond trouw een essentiële deugd. Een mens die correct handelt is per definitief dan ook trouw. Het Nederlandse woord “trouwen”, het in het huwelijk treden is een wettelijk geregelde trouw aan je partner. Het is zelfs aan een belofte gebonden. Joost van den Vondel (1637) schreef in zijn toneelstuk de Gijsbregt van Aemstel over trouw.

Waer werd oprechter trouw
Dan tusschen man en vrouw
Ter weereld oit gevonden?

Een hele mooie van Pythagoras:
Reken op de trouw van uw hond tot aan uw laatste snik, op die van uw vriend tot op het eerste ogenblik van beproeving.

(De zwart-wit foto is gemaakt op bevrijdingsdag 5 mei 2015 te Zeist en de huwelijksfoto op 5 juni 2015 in de Kaapsebossen in Doorn.)

trouw

Reacties gesloten

Damesschoenen hebben mij altijd geïntrigeerd. Als klein kind bewonderde ik al de schoenen van mijn moeder. Deze waren vaak toegerust met een hoge en dunne hak, mijn moeder liep daar graag op. Ze had ook vele paren en elke dag droeg ze wel een ander paar met vaak een bijpassende tas. Mijn moeder was redelijke modebewust, maar dat kan ook niet anders, ze was opgegroeid in een kleermakersgezin. Hoe hoger de hak hoe mooier ze het schoeisel vond. Toch had dat ook nadelen want ze bleef vaak met de hakken tussen de stenen op straat haken. Ik kan mij zelfs een keer herinneren dat de hak vast bleef zitten tussen twee planken van een brug over de singel. Dat was een heel gedoe, want het lopen op zo’n damesschoen zonder hak is geen lolletje. Mijn vader had het altijd over de stiletto’s van zijn vrouw. Zo’n hak heeft het wel te verduren. Ik heb weleens gehoord dat de druk op zo’n hak, die zo’n twee vierkante centimeter is, wel gauw 25 kilo per vierkant centimeter kan zijn. Dat is 10 keer zoveel als de druk van een autoband op de weg. Zelfs in de hardste parketvloeren produceerde de schoenen van mijn moeder kleine deukjes, wat haar natuurlijk niet in dank werd afgenomen. In de 17e eeuw gaf de hak aan wat je status was, hoe hoger de hak hoe meer status je had. De Franse revolutie bracht daar verandering in, zoals bij vele andere zaken. Men moest gewoon en sober zijn, geen opvallende kledij en zeker geen hoge hakken. Hoge hakken waren decadent en erotisch en hadden alles met adel te maken. Eeuwen later (1900) kwamen de hoge hakken weer in beeld. De schoen beschermt de voet, in ieder geval de gevoelige voetzool. De voeten dragen de mens en betreden de aarde. Het is eigenlijk onze verbintenis met onze wereld.

In de verschillende culturen hebben voeten ook andere betekenissen. Neem bijvoorbeeld de Chinese vrouwen met afgebonden voeten. Het schoonheidsideaal was immers een zo klein mogelijke voet voor de vrouw. De natuur werd een handje geholpen door de voeten strak in te binden met stroken stof waarbij de voorkant van de voet zo dicht mogelijk naar de hiel werd getrokken. Hierdoor werd de wreef een hoge boog en de voetholte kreeg een diepe kloof. Deze misvormde voeten werden lotusvoeten genoemd. In 1902 werd het afbinden en kwellen van voeten verboden.

In Japan wordt het laten zien van de onderkant van je voeten opgevat als een belediging en volgens de Bijbel was het wassen van voeten slavenwerk. Jezus waste uit nederigheid de voeten van zijn leerlingen, hiermee maakte hij zich kwetsbaar en klein. Tevens werden de voeten van de Romeinse keizers gekust. Hoewel het kussen van voeten ook veel intimiteit kan betekenen.

Met je schoeisel laat je ook zien wie je bent of wat je doet. Merkschoenen zoals “Van Bommel” zijn vaak stijlvolle herenschoenen die passen bij een colbert-pak. Daar tegenover heb je de sandalen die de Franciscanen dragen om uiting te geven aan hun gelofte van armoede. In onze taal geeft de schoen ook een gevoel aan wat zich uit in verschillende spreekwoorden: “ Wie de schoen past, trekke hem aan”. Met andere woorden: wie schuldig is mag zich aangesproken voelen, of: als je meent dat deze kritiek voor jou is bedoeld, doe er dan wat mee,je mag het je aantrekken. Een ander spreekwoord dat niet zo bekend is: “De kinderen van de schoenmaker lopen barrevoets”. Iemand ziet zijn eigen problemen niet, maar vaak wel die van een ander.

Schoenen helpen je makkelijker voort te bewegen. Wandelen of lopen, het hoort bij het leven. Als je jong bent, is reizen een deel van je opvoeding, als je ouder bent, is het een deel van je ervaring. (Francis Bacon). Afgedragen schoenen gooi je niet weg, maar behandel je met respect. Kijk eens naar je schoenen en bedenk eens wat die allemaal hebben meemaakt…..

(De foto’s zijn gemaakt tijdens de tentoonstelling “Shoos”  in de kunsthal – Rotterdam op 21-04-2014.)

schoenen

Reacties gesloten